ECLI:NL:RBMNE:2018:6899
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Schuldigverklaring opzettelijk brandstichten zonder strafoplegging
Op 29 mei 2016 stichtte verdachte opzettelijk brand in een carport te De Bilt, waarbij de carport en een aangrenzende schuur geheel zijn verbrand. Er was sprake van gemeen gevaar voor goederen in de omgeving. Verdachte heeft een bekennende verklaring afgelegd en de bewijsvoering bestond uit diverse proces-verbalen en getuigenverklaringen.
De rechtbank oordeelde dat verdachte strafbaar is, maar hield rekening met zijn lichte tot matige verstandelijke beperking en autismespectrumstoornis, zoals vastgesteld door deskundigen. Verdachte woont beschermd en kreeg onvoldoende structuur door ziekte van personeel, wat leidde tot onrust en preoccupatie met vuur. De kans op recidive werd als laag ingeschat en de gedragsdeskundigen adviseerden om de brandstichting in mindere mate toe te rekenen.
De rechtbank vond dat ondanks het verwijt aan verdachte, het opleggen van straf of maatregel niet passend was. Een schuldigverklaring zonder strafoplegging werd als voldoende effectief beschouwd om recht te doen aan het feit. De zaak werd op 3 juli 2018 inhoudelijk behandeld en het vonnis werd gewezen door een meervoudige kamer van de rechtbank Midden-Nederland.
Uitkomst: Verdachte is schuldig verklaard aan opzettelijk brandstichten, maar er is geen straf of maatregel opgelegd vanwege zijn beperkte toerekeningsvatbaarheid.