Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
op 11 januari 2019 samen met een ander te Utrecht onder dreiging met geweld [slachtoffer 1] (€300,- riemen en schoenen) heeft afgeperst;
op 11 januari 2019 samen met een ander te Utrecht onder dreiging met geweld €300,- riemen en schoenen van [slachtoffer 1] heeft gestolen;
op 1 februari 2019 te Utrecht heeft geprobeerd door dreiging met geweld € 500,- van [slachtoffer 1] te stelen;
op 1 februari 2019 te Utrecht heeft geprobeerd [slachtoffer 1] voor een bedrag van € 500,- af te persen;
primair: op 1 januari 2019 te Utrecht samen met een ander, onder dreiging met geweld, € 650,- van [slachtoffer 2] heeft gestolen;
op 6 januari 2019 te Utrecht samen met een ander € 535,- van café [benadeelde] heeft gestolen;
op 13 januari 2019 te Utrecht samen met een ander, onder dreiging met geweld, [slachtoffer 3] en [slachtoffer 4] voor (in totaal) een bedrag van € 1.900,- heeft afgeperst.
3.VOORVRAGEN
4.VRIJSPRAAK FEITEN 2 EN 3
5.WAARDERING VAN HET BEWIJS
U houdt mij de aangifte van [slachtoffer 2] voor. In de woning van [A ] had ik de mogelijkheid cocaïne op tafel te leggen. Wij hebben daar samen gesnoven. [slachtoffer 2] is niet zelf gaan pinnen, omdat ik hem niet vertrouwde. Hij vond het niet erg om zijn pinpas en code te geven. [18]
- de
- het proces-verbaal van aangifte van 11 januari 2019
Op 13 januari 2019 bevond ik mij in de uitgaansgelegenheid [naam] te Utrecht. Ik was daar met een vriend genaamd [slachtoffer 4] . Ik raakte aan de praat met een man. Deze zal ik verdachte 1 noemen. [20]
Op 13 januari 2019 trof ik mijn vriend [slachtoffer 3] in de [naam] te Utrecht.
Ik was de nacht van 13 januari 2019 in de [naam] met mijn neef. Ik heb de aangevers een beetje drugs gegeven. De man, waar ik in de [naam] mee op de foto sta, heeft voor mij gepind. [36]
6.BEWEZENVERKLARING
7.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
1. afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
4. poging tot afpersing;
5. (primair) diefstal door twee of meer verenigde personen
6. diefstal;
7. afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd.
8.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
9.OPLEGGING VAN STRAF
- een uittreksel justitiële documentatie betreffende verdachte d.d. 3 mei 2019
- een rapport van de reclassering van 8 mei 2019.
10.BENADEELDE PARTIJ
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
gevangenisstrafvan
24 (vierentwintig) maanden;
8 (acht) maanden nietzal worden
ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat de verdachte de hierna te melden algemene en bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
proeftijdvan
3 (drie) jarenvast;