Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMNE:2019:3178

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
2 juli 2019
Publicatiedatum
15 juli 2019
Zaaknummer
C/16/474483 / JL RK 19-63
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Tussenbeschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:255 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging ondertoezichtstelling minderjarige wegens niet-plaatsing op school

De rechtbank Midden-Nederland heeft op 2 juli 2019 een derde tussenbeschikking gegeven in de zaak betreffende de ondertoezichtstelling van een minderjarige. Ondanks inspanningen is het nog niet gelukt om de minderjarige op een school te plaatsen. Er zijn aanmeldingen voor een reguliere school en een 3-milieusvoorziening, maar de situatie blijft onzeker.

De ouders hebben ingestemd met een vrijwillige plaatsing bij een instelling waar de minderjarige kan wonen, behandeld kan worden en onderwijs kan volgen. De kinderrechter heeft de ondertoezichtstelling verlengd tot 22 november 2019 om de situatie te monitoren en de ontwikkeling van de minderjarige te beschermen.

Er wordt een nieuwe zitting gepland op 22 augustus 2019, waarbij naast de ouders, advocaat en gecertificeerde instelling ook de directeur van de school wordt opgeroepen. De beschikking is mondeling gegeven en uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: De ondertoezichtstelling van de minderjarige wordt verlengd tot 22 november 2019 vanwege het niet slagen van schoolplaatsing.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling Familierecht
Zittingsplaats: Almere
Zaakgegevens : C/16/474483 / JL RK 19-63
datum uitspraak: 2 juli 2019

beschikking verlenging ondertoezichtstelling

in de zaak van
William Schrikker Stichting Jeugdbescherming & Jeugdreclassering, hierna te noemen de gecertificeerde instelling (GI),
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
betreffende
[naam minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2006 te [geboorteplaats] , hierna te noemen [voornaam van minderjarige] .
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[belanghebbende 1] , hierna te noemen de moeder,

wonende te [woonplaats] ,

[belanghebbende 2] , hierna te noemen de vader,

wonende te [woonplaats] .

Het procesverloop

De kinderrechter heeft de ondertoezichtstelling van [voornaam van minderjarige] bij beschikking van 18 april 2019 verlengd tot 22 september 2019. Het meer of anders verzochte is aangehouden tot de zitting van 2 juli 2019, om de voortgang van de plaatsing van [voornaam van minderjarige] op school te kunnen monitoren.
Op 2 juli 2019 heeft de kinderrechter de zaak verder ter zitting met gesloten deuren behandeld en gehoord:
- de minderjarige [voornaam van minderjarige] , die apart is gehoord,
- de moeder, bijgestaan door mr. B.V. Rafaela,
- de vader,
- mevrouw [A] namens de GI,
- mevrouw [B] , leerplichtambtenaar,
- mevrouw [C] , passend onderwijs,
- de heer [D] , directeur van [school 1] .

De standpunten

Ouders hebben zich ter zitting niet verzet tegen een verlenging van de ondertoezichtstelling. Ouders hebben ingestemd met een vrijwillige plaatsing van [voornaam van minderjarige] bij [naam instelling] , zodat hij daar kan wonen, behandeling kan ontvangen en naar school kan gaan.

De beoordeling

Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting blijkt het volgende. Ook de afgelopen periode is het niet gelukt om [voornaam van minderjarige] op een school geplaatst te krijgen. Er ligt inmiddels een aanmelding bij het [school 2] en ook is [voornaam van minderjarige] aangemeld voor een plek op de 3-milieusvoorziening van [naam instelling] . Daarvoor zal op 17 juli 2019 een intakegesprek plaatsvinden. Voorgaande maakt dat ook op dit moment nog onvoldoende concreet hoe de situatie van [voornaam van minderjarige] er na de zomervakantie uit gaat zien. De kinderrechter wenst daarom opnieuw zicht op de zaak te houden en concludeert opnieuw dat [voornaam van minderjarige] nog onverminderd wordt bedreigd in zijn ontwikkeling. De situatie waarin [voornaam van minderjarige] niet naar school gaat is nog niet doorbroken.
Uit voorgaande volgt dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW). De kinderrechter zal daarom de ondertoezichtstelling van [voornaam van minderjarige] verlengen voor de duur van twee maanden en het meer of anders verzochte aanhouden tot de zitting van 22 augustus 2019. Zoals ter zitting besproken zal, naast ouders, de advocaat en de GI, eveneens de directeur van [school 1] worden opgeroepen. Mochten er in de tussentijd concrete ontwikkelingen zijn, dan wenst de kinderrechter hiervan tijdig op de hoogte gebracht te worden.

De beslissing

De kinderrechter:
verlengt de ondertoezichtstelling van [voornaam van minderjarige] tot 22 november 2019;
houdt het meer of anders verzochte aan;
bepaalt dat er opnieuw een zitting zal plaatsvinden op
22 augustus 2019te
13.30 uur, welke zitting zal worden gehouden in het gerechtsgebouw te Almere (adres: De Diagonaal 37, 1315 XK). De griffier zal partijen en de directeur van [school 1] hiervoor oproepen;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 2 juli 2019 door mr. M.A.A. ter Meer-Siebers, kinderrechter, in tegenwoordigheid van D. van Garderen als
griffier.
Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof
Arnhem-Leeuwarden
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op