De rechtbank Midden-Nederland heeft verdachte veroordeeld voor een overval op een restaurant in De Meern op 23 november 2017, waarbij met geweld en bedreiging een geldbedrag werd weggenomen. Verdachte gebruikte daarbij een ploertendoder en droeg een bivakmuts. Daarnaast is hij veroordeeld voor mishandeling van een persoon in Vleuten op 16 januari 2018.
De rechtbank sprak verdachte vrij van het primair ten laste gelegde geweldsfeit, maar achtte het subsidiaire feit van mishandeling wettig en overtuigend bewezen. Verdachte bekende de feiten en de rechtbank baseerde zich op verklaringen van slachtoffers, camerabeelden en de bekennende verklaring.
Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van de feiten, de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder zijn jeugdige leeftijd en eerdere justitiële contacten, en de overschrijding van de redelijke termijn. De opgelegde straf bestaat uit een voorwaardelijke jeugddetentie van 120 dagen met een proeftijd van twee jaar, een werkstraf van 120 uur, en een jeugdreclasseringsmaatregel van toezicht en begeleiding voor één jaar.
De benadeelde partij, het restaurant, kreeg een schadevergoeding van €280 toegewezen voor het weggenomen geld, vermeerderd met wettelijke rente. Het overige deel van de schadevordering werd niet-ontvankelijk verklaard en kan bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.
De rechtbank benadrukte de planmatige aard van de overval, het gebruik van geweld, en het feit dat verdachte na schorsing opnieuw een strafbaar feit beging, wat de kans op herhaling verhoogt. De opgelegde voorwaarden zijn dadelijk uitvoerbaar en gericht op het voorkomen van recidive.