ECLI:NL:RBMNE:2019:4464
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde woning op basis van eigen verkoopcijfer en vergelijkingsmethode
In deze bestuursrechtelijke zaak betwist eiser de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning voor het belastingjaar 2018. Verweerder had de waarde vastgesteld op €493.000 op basis van de vergelijkingsmethode, waarbij naast het eigen verkoopcijfer ook verkoopcijfers van vergelijkbare woningen werden gebruikt.
Eiser stelde dat de waarde te hoog was vastgesteld omdat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met de stijgende woningmarkt tussen de waardepeildatum 1 januari 2017 en de datum van eigen verkoop op 12 oktober 2017. Volgens eiser moest het eigen verkoopcijfer worden gecorrigeerd met een daling van circa 22% om terug te rekenen naar de waardepeildatum.
De rechtbank oordeelde dat het eigen verkoopcijfer als hoofdregel leidend is bij de WOZ-waardering en dat verweerder ten onrechte de vergelijkingsmethode toepaste zonder het eigen verkoopcijfer te indexeren naar de waardepeildatum. Omdat geen van beide partijen de waarde voldoende aannemelijk kon maken, stelde de rechtbank schattenderwijs de waarde vast op €450.000. Tevens werd het door eiser betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op €450.000 en de aanslag onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig verminderd.