De zaak betreft een beroep van meerdere eisers tegen een omgevingsvergunning die door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Woudenberg was verleend aan een derde-partij voor het realiseren van een biologische varkensstal voor 700 varkens op een perceel te Woudenberg.
Na een eerdere uitspraak van de rechtbank op 2 september 2019, waarin werd geoordeeld dat het college terecht een reactieve aanwijzing had gegeven waardoor de omgevingsvergunning niet in werking trad, was het doel van het beroep van de eisers feitelijk bereikt. Hierdoor ontbrak het procesbelang voor een verdere inhoudelijke behandeling van het beroep.
De eisers verzochten nog om een principieel oordeel over formele aspecten van de vergunningprocedure, maar de rechtbank oordeelde dat dit onvoldoende procesbelang opleverde. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wees zij een proceskostenveroordeling af.
De uitspraak werd gedaan door rechter E.M. van der Linde en griffier M.S.D. de Weerd op 26 november 2019 te Utrecht. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen zes weken na verzending.