Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Verloop van de procedure
- een F9-formulier van de vrouw, binnengekomen op 31 januari 2020;
- de brieven van [kind 1] en [kind 2] , binnengekomen op 3 maart 2020;
- de brieven van [kind 1] en [kind 2] , binnengekomen op 9 maart 2020;
- het F9-formulier van de man met bijlage 6, binnengekomen op 12 maart 2020;
- de brief van 12 maart 2020 van de vrouw, met bijlagen.
2.De beoordeling
- [kind 1] , geboren op [2004] in [geboorteplaats] ;
- [kind 2] , geboren op [2009] in [geboorteplaats] .
- [kind 1] heeft contact met de moeder eenmaal in de veertien dagen van 12:00 uur tot 16:30 uur;
- [kind 2] heeft contact met de moeder (op een ander moment) eenmaal in de veertien dagen van 10:00 uur tot 16:30 uur;
- partijen en de gezinsvoogd kunnen deze regeling in onderling overleg uitbreiden.
- om de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij haar vast te stellen;
- een zorgregeling vast te stellen waarbij de kinderen om de week een dagdeel in het weekend bij de vader zullen zijn.
- om de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij hem vast te stellen;
- een voorlopige zorgregeling vast te stellen waarbij de kinderen wekelijks telefonisch contact hebben met hun moeder en, als de kinderen daartoe zelf het initiatief nemen, contact gedurende een dagdeel (ochtend van 10:00 uur tot 12:00 uur dan wel een middag van 14:00 uur tot 16:00 uur) in het weekend.
3.Beslissing
- [kind 1] heeft contact met de moeder eenmaal in de veertien dagen van 12:00 uur tot 16:30 uur;
- partijen kunnen deze omgangsregeling in overleg met de gezinsvoogd uitbreiden;