Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 2 april 2020 in de zaak tussen
[eiser/eiseres 1] en [eiser/eiseres 2] , te [woonplaats] , eisers
de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Het is vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) dat een bekrachtiging achteraf een bevoegdheidsgebrek als het hier aan de orde niet ongedaan maakt. De rechtbank vindt dat het bevoegdheidsgebrek, ook niet gepasseerd kan worden met artikel 6:22 van Pro de Awb, omdat van verweerder een actie (bekrachtiging) vereist was. Dat betekent dat het beroep gegrond is. De rechtbank zal het bestreden besluit vernietigen. De rechtbank heeft de taak om het geschil zoveel mogelijk definitief te beslechten, zij zal daarom de beroepsgronden van eiseres beoordelen en aan de hand daarvan bepalen of het mogelijk is het geschil definitief te beslechten.
.Eisers betwisten dit. De adviescommissie heeft naar aanleiding van het bezwaar van eisers in een notitie uiteengezet dat geluidhinder in de regel geen invloed heeft op de exploitatiemogelijkheden van agrarische akkerbouwgronden, zodat ook de waarde daardoor niet wordt beïnvloed. Ook heeft de adviescommissie opgemerkt dat haar vanuit haar betrokkenheid bij nadeelcompensatieclaims vanwege Schiphol geen claims bekend zijn waarbij de gestelde waardevermindering van agrarische akkerbouwgronden door toename van geluidhinder wel is toegewezen.
“ Versterking huidige (overloop)functie van Lelystad (fase 1)
(…)
Lelystad in relatie tot de lange termijn luchthavencapaciteit
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 2 december 2016 tot aan de dag van uitbetaling, met dien verstande dat het bedrag aan nadeelcompensatie en wettelijke rente dat verweerder al aan eisers heeft betaald op dit bedrag in mindering wordt gebracht;