ECLI:NL:RVS:2014:572
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens geluidbelasting Luchthavenverkeerbesluit Schiphol 2008
Appellant, eigenaar van een woning nabij Schiphol, vorderde vergoeding van waardevermindering van zijn woning als gevolg van de inwerkingtreding van het Luchthavenverkeerbesluit Schiphol (Lvb) 2004 en 2008. De besliscommissie wees deze verzoeken af, waarna appellant beroep instelde bij de rechtbank Noord-Holland. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond voor het Lvb 2008 en vernietigde het besluit van de besliscommissie, waarbij zij een lagere drempel voor normaal maatschappelijk risico hanteerde dan de besliscommissie.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep van de besliscommissie gegrond verklaard en dat van appellant ongegrond. De Afdeling oordeelde dat de besliscommissie terecht een vergelijking maakte tussen het Lvb 2008 en het voorgaande regime (Lvb 2004) en dat de gehanteerde drempel van 5% waardevermindering als normaal maatschappelijk risico passend is. Dit omdat het Lvb 2008 een voorspelbare ontwikkeling is binnen het normale gebruik van Schiphol, zonder drastische wijzigingen of fysieke uitbreiding.
De Afdeling benadrukte dat de rechtbank ten onrechte aansluiting zocht bij eerdere uitspraken die betrekking hadden op het aanwijzingsbesluit, een ander besluit met een andere juridische context. De Afdeling bevestigde dat de door appellant gestelde schade niet buiten het normaal maatschappelijk risico valt en daarom niet voor vergoeding in aanmerking komt. Het hoger beroep van appellant werd daarom ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd voor zover het afweek van het standpunt van de besliscommissie.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het beroep op schadevergoeding wegens het Lvb 2008 wordt afgewezen.