ECLI:NL:RBMNE:2020:1449
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WIA-uitkering na herbeoordeling op verzoek werkgever bevestigd
Eiser ontving sinds 2013 een WIA-uitkering wegens volledige arbeidsongeschiktheid. Op verzoek van zijn voormalige werkgever is zijn uitkering herbeoordeeld, wat leidde tot beëindiging per 14 april 2019 omdat eiser minder dan 35% arbeidsongeschikt zou zijn.
De rechtbank beoordeelde de medische rapporten van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen die aan de besluiten ten grondslag liggen. Eiser voerde aan dat de rapporten onzorgvuldig waren en dat er meer beperkingen aangenomen hadden moeten worden, mede op basis van medische stukken van zijn behandelaars. De rechtbank oordeelde echter dat de rapporten zorgvuldig tot stand zijn gekomen, de verschillen in beperkingen verklaarbaar zijn en dat de medische stukken onvoldoende aanleiding geven tot twijfel.
Ook het verzoek om een deskundige te benoemen werd afgewezen vanwege het ontbreken van twijfel aan de medische beoordeling. De arbeidsdeskundige concludeerde dat eiser met de aangenomen beperkingen in staat is tot arbeid met een mate van arbeidsongeschiktheid van 6,4%. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en legde geen proceskostenveroordeling op.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard.