Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Procesverloop
2.Beoordeling
3.Beslissing
[betrokkene] ,geboren op [1999] te [geboorteplaats] , voor de volgende vormen van verplichte zorg:
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 30 maart 2020 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging aan betrokkene, geboren in 1999, verblijvend in een psychiatrische instelling. Het verzoek betrof diverse vormen van verplichte zorg op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz).
Tijdens de mondelinge behandeling werden betrokkene, zijn advocaat, behandelaars en ouders gehoord. De advocaat voerde aan dat een nieuwe zorgkaart met een stappenplan, opgesteld in samenspraak met betrokkene en Altrecht, cruciaal is voor het vervolgtraject en dat er geen sprake is van gevaarlijk gedrag. De psychiater bevestigde dat deze documenten ontbraken in het medisch dossier en dat vrijwillige zorg onvoldoende was. De betrokkene lijdt aan een bipolaire-stemmingsstoornis die ernstig nadeel veroorzaakt.
De rechtbank concludeerde dat verplichte zorg noodzakelijk is om ernstig nadeel af te wenden en verleende een zorgmachtiging voor een beperkt aantal vormen van zorg, waaronder medicatietoediening, bewegingsbeperking en opname. De machtiging geldt voor twee maanden, terwijl de beslissing over de overige vier maanden wordt aangehouden. De rechtbank verzocht de advocaat de ontbrekende zorgkaart en het stappenplan spoedig aan te leveren voor verdere behandeling.
De beschikking is mondeling gegeven en schriftelijk uitgewerkt, met mogelijkheid tot cassatie.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twee maanden met aanhouding van verdere beslissingen wegens ontbrekende nieuwe zorgkaart en stappenplan.