ECLI:NL:RBMNE:2020:2405
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging financiële tegemoetkoming vervoerskosten op grond van Wmo bevestigd
Eiser ontving sinds 2012 een financiële tegemoetkoming voor vervoerskosten voor regulier taxivervoer op grond van de Wmo. Na een heronderzoek in 2019, waarbij eiser niet wilde meewerken aan een medisch onderzoek, werd de tegemoetkoming stopgezet. Eiser maakte bezwaar, waarna een medisch advies werd ingewonnen dat concludeerde dat eiser in staat is gebruik te maken van de regiotaxi als collectief aanvullend vervoer.
Eiser betoogde dat de regiotaxi vanwege wachttijden en stress door psychische klachten geen passend alternatief is. De rechtbank oordeelde echter dat het medisch advies zorgvuldig was en dat eiser met zijn klachten wel degelijk individueel met de regiotaxi kan reizen. De door eiser overgelegde medische stukken waren verouderd en boden geen aanleiding tot twijfel aan het advies.
Verder stelde eiser dat de beëindiging zonder overgangstermijn onzorgvuldig was, maar de rechtbank vond geen wettelijke grondslag voor een overgangsperiode en geen medische noodzaak daarvoor. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde het besluit tot beëindiging van de financiële tegemoetkoming.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de beëindiging van de financiële tegemoetkoming in vervoerskosten.