Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
A: Nee, heel stellig nee. In die zin van [X (voornaam)] is langs haar gelopen, maar ik weet zeker dat [X (voornaam)] [voornaam van slachtoffer 1] nooit heeft gezien op dat moment, omdat [X (voornaam)] alleen maar oog heeft voor [Y (voornaam)] . [9]
A: Ik weet niet meer precies wat ik gedaan heb met het mes. Volgens mij heb ik één persoon gemist, terwijl ik haar probeerde te steken. Dat was een oudere mevrouw. [12]
A: Ze hadden mij nog niet vastgepakt, maar ze deden wel een poging om mij vast te pakken. Toen zij voorbij kwam, stak ik haar. [13]
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
- een rapport van 28 februari 2020, opgemaakt door D.J. Vinkers, psychiater;
- een rapport van 29 februari 2020, opgemaakt door S. Labrijn, GZ-psycholoog.