ECLI:NL:RBMNE:2020:4208
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening Wajong-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Eiser heeft in 2016 een aanvraag voor een Wajong-uitkering ingediend die door het UWV is afgewezen omdat hij over arbeidsvermogen beschikt. Na een bezwaarprocedure en een verzoek tot herziening voor verleden en toekomst, heeft het UWV dit verzoek opnieuw afgewezen. Eiser stelde dat er nieuwe feiten en omstandigheden zijn die zijn beperkingen aantonen, waaronder rapporten over een gedragsstoornis en psychische klachten.
De rechtbank overwoog dat de aangevoerde rapporten geen nieuwe feiten bevatten die niet reeds bij de eerdere beoordeling bekend waren of betrokken zijn. De psychische klachten en gedragsproblemen waren reeds bekend en meegenomen in de eerdere besluitvorming. De rechtbank volgde de motivering van de verzekeringsarts en arbeidsdeskundige dat eiser beschikt over basale werknemersvaardigheden en in staat is tot lichte arbeid.
De rechtbank concludeerde dat het UWV terecht heeft geweigerd terug te komen op het eerdere besluit, zowel voor het verleden als voor de toekomst. Het beroep is daarom ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn verzoek tot herziening van de Wajong-uitkering is ongegrond verklaard.