Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting Nieuwegein te Nieuwegein.
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.OPLEGGING VAN STRAF
- een meldplicht bij de reclassering;
- een ambulante behandeling door De Waag Amersfoort of een soortgelijke zorgverlener;
- een ambulante behandeling door Jellinek FACT te Hilversum (met mogelijkheid tot kortdurende klinische opname);
- een drugsverbod;
- een verbod om contact te hebben of te zoeken met het slachtoffer;
- een verbod om zich gedurende zes maanden tussen 19.00 en 05.00 uur niet op de Groest in Hilversum te bevinden.
8.BENADEELDE PARTIJ
- € 385,00 aan eigen risico voor de ambulancekosten;
- € 91,45 aan taxikosten voor vervoer van het ziekenhuis naar huis en van huis naar het ziekenhuis;
- € 120,00 als vergoeding voor de vier dagen dat hij opgenomen is geweest in het ziekenhuis;
- € 13,70 als vergoeding voor een voorgeschreven maagzuurremmer;
- € 7.200,00 als vergoeding voor het verlies van zijn arbeidsvermogen.
9.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
10.BESLISSING
gevangenisstrafvan
24 maanden;
een gedeelte van zes maanden,
niet ten uitvoerzal worden gelegd,
tenzijde rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en/of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;
proeftijdvan
twee (2) jarenvast;
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] toe tot een bedrag van € 1.458,50, bestaande uit een vergoeding voor materiële schade van € 458,50 en een vergoeding van € 1.000,00 voor immateriële schade;
- wijst de vordering van [slachtoffer 1] voor een bedrag van € 17,95 af;
- verklaart [slachtoffer 1] ten aanzien van het restant van zijn vordering van € 9.333,70 niet-ontvankelijk en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag van
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat 1.458,50, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 20 juni 2020 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 24 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan [slachtoffer 1] dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- veroordeelt verdachte in de kosten door [slachtoffer 1] gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil.