ECLI:NL:RBMNE:2020:4434
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herbeoordeling arbeidsongeschiktheid en verlaging WIA-uitkering
Eiser, werkzaam als medisch nucleair medewerker, meldde zich in april 2016 ziek en ontving na twee jaar een WIA-uitkering op basis van 100% arbeidsongeschiktheid. Na verzoeken van eiser en zijn werkgever tot herbeoordeling, stelde verweerder het arbeidsongeschiktheidspercentage per 20 mei 2019 vast op 72,11%, wat leidde tot een verlaging van de uitkering.
Eiser maakte bezwaar en stelde dat de verzekeringsarts onvoldoende rekening hield met zijn Autisme Spectrum Stoornis (ASS) en de noodzaak van een prikkelarme werkomgeving. Hij bracht medische stukken in, waaronder een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) en verklaringen van zijn psychotherapeut. De rechtbank vond echter dat de medische rapporten zorgvuldig en logisch waren opgesteld en dat de beperkingen adequaat waren vastgesteld.
Ook de arbeidskundige beoordeling werd door eiser betwist, met name de geschiktheid van de geduide functies en de prikkelarme omgeving. De rechtbank concludeerde dat de functies passend waren en dat er overleg was geweest tussen arbeidsdeskundige en verzekeringsarts. Hulpmiddelen zoals oordopjes en verplaatsbare wandjes werden als redelijke aanpassingen beschouwd.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat de verlaging van de WIA-uitkering terecht was. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de verlaging van de WIA-uitkering op basis van 72,11% arbeidsongeschiktheid.