ECLI:NL:RBMNE:2020:5429
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid bevestigd
Eiseres was sinds 2012 ziekgemeld wegens psychische klachten en werd in 2014 voor 80-100% arbeidsongeschikt verklaard. Na een herbeoordeling stelde het UWV vast dat zij slechts 7,24% arbeidsongeschikt was, waardoor de WIA-uitkering werd stopgezet. Eiseres betwistte dit en voerde onder meer aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en dat haar psychische beperkingen onvoldoende werden meegewogen.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, mede doordat de verzekeringsarts bezwaar en beroep aanvullende medische informatie had opgevraagd en het dossier grondig had bestudeerd. De medische en arbeidskundige rapportages waren consistent en begrijpelijk. De rechtbank vond geen aanleiding om aan de juistheid van de beoordeling te twijfelen, ook niet op basis van het door eiseres overgelegde behandelplan en haar eigen klachten.
Verder werd het beroep op schending van het rechtszekerheidsbeginsel en het evenredigheidsbeginsel verworpen, omdat het besluit gebaseerd was op dwingendrechtelijke bepalingen en er geen ruimte was voor belangenafweging. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat eiseres vanaf 26 september 2019 geen recht meer heeft op een WIA-uitkering.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van de WIA-uitkering wordt bevestigd.