ECLI:NL:RBMNE:2020:5832
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling eigen bijdrage Wet langdurige zorg volgens dwingendrechtelijke regelgeving
Eiseres ontvangt zorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) en is maandelijks een eigen bijdrage verschuldigd. Verweerder heeft de eigen bijdrage voor 2019 en 2020 vastgesteld en de bezwaren van eiseres ongegrond verklaard. Eiseres betoogt dat de berekende eigen bijdrage onrechtvaardig is omdat deze geen rekening houdt met haar werkelijke kosten en dat de stijging van de bijdrage niet in verhouding staat tot haar inkomen.
De rechtbank stelt vast dat verweerder de eigen bijdrage conform het Besluit langdurige zorg (Blz) en de Regeling langdurige zorg (Rlz) heeft berekend. Deze regels zijn dwingendrechtelijk en limitatief, waardoor geen ruimte bestaat om af te wijken voor individuele omstandigheden. Jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep bevestigt dat deze regelgeving geen hardheidsclausule bevat.
Hoewel in uitzonderlijke gevallen een bestuursorgaan kan afwijken van de dwingendrechtelijke regels, bijvoorbeeld wanneer de eigen bijdrage leidt tot minder dan het wettelijke zak- en kleedgeldniveau, is dat hier niet het geval. De rechtbank oordeelt dat de situatie van eiseres niet uitzonderlijk genoeg is om hiervan af te wijken. De beroepen worden daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De beroepen tegen de vastgestelde eigen bijdrage Wlz worden ongegrond verklaard.