Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 7 december 2020 in de zaak tussen
[eiseres], uit [woonplaats], eiseres
het college van burgermeester en wethouders van de gemeente Utrecht, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
in lijn met de eerdere adviezen wordt de brede opening in de tuinmuur afgewezen.’In het primaire besluit wordt eerst het advies van 13 november 2018 geciteerd. Daarna wordt het advies van 6 februari 2018 geciteerd als onderbouwing voor de weigering van de omgevingsvergunning (“
In de notulen van de vergadering van 6 februari 2018 is daarnaast het volgende opgenomen:”). In het bestreden besluit concludeert verweerder vervolgens dat de CWM in haar advies van 13 november 2018 heeft gewezen op de adviezen van 12 december 2017, 6 februari 2018, 15 mei 2018 en 29 mei 2018 en dat er geen tegenstrijdigheden zijn tussen het advies van 13 november 2018 en deze eerdere adviezen. Uit het voorgaande volgt naar het oordeel van de rechtbank dat verweerder bij de weigering de omgevingsvergunning te verlenen ook de eerdere adviezen heeft meegewogen. Dat de oudere welstandsadviezen zien op een ander bouwplan, brengt niet zonder meer met zich mee dat zij geen rol gespeeld kunnen hebben bij de beoordeling van het nieuwe, gewijzigde plan. Uit het advies van 13 november 2018 blijkt naar het oordeel van de rechtbank dat de CWM met haar advies voortborduurt op die oude adviezen.