ECLI:NL:RBMNE:2020:5955

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
19 november 2020
Publicatiedatum
19 mei 2021
Zaaknummer
UTR 20/5357
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 AwbArt. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal van 4 november 2019. De rechtbank heeft eiseres op 24 januari 2020 aangetekend verzocht het griffierecht van €47,- binnen vier weken te betalen. Omdat het griffierecht niet is ontvangen en eiseres geen geldige reden heeft gegeven voor het niet betalen, kan de rechtbank het beroep niet inhoudelijk behandelen.

De rechtbank baseert haar oordeel op artikel 8:41, eerste lid, en artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Volgens deze bepalingen moet griffierecht worden betaald om een beroep ontvankelijk te zijn. Het niet betalen zonder geldige reden leidt tot niet-ontvankelijkheid van het beroep.

De rechtbank heeft daarom het beroep niet-ontvankelijk verklaard en doet geen inhoudelijke uitspraak over het beroep. Eiseres krijgt geen gelijk en ook geen vergoeding van proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter G.P. Loman en griffier H. Achrak op 19 november 2020.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betalen van het griffierecht zonder geldige reden.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 19/5357

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 november 2020 in de zaak tussen

[eiseres], te [woonplaats], eiseres

(gemachtigde: mr. E.H. Bokhorst),
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal,verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiseres tegen het besluit van verweerder van 4 november 2019.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Eiseres heeft namelijk het griffierecht niet betaald, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Iemand die in beroep gaat moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit geval is het griffierecht € 47,-.
3. Als het griffierecht niet (op tijd) wordt betaald is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het griffierecht niet door de rechtbank is ontvangen. Het gaat dan om omstandigheden waar eiseres niets aan kan doen.
4. De rechtbank heeft eiseres op 24 januari 2020 een aangetekende brief gestuurd, waarin staat dat eiseres het griffierecht binnen vier weken moet betalen aan de rechtbank.
5. De rechtbank heeft het bedrag niet ontvangen. Eiseres heeft daar geen geldige reden voor gegeven.
6. Het beroep zal niet inhoudelijk worden behandeld en de rechtbank zal geen uitspraak over het beroep doen. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 Awb Pro).
7. Eiseres krijgt geen gelijk en daarom ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. G.P. Loman, rechter, in aanwezigheid van H. Achrak, griffier. De beslissing is uitgesproken op 19 november 2020 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven. Deze uitspraak heeft geen gevolgen zolang er nog verzet kan worden ingediend, of zolang er nog niet op het verzet is beslist.