Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
3.De beoordeling van het beroepschrift
Kamerstukken II1999-2000, 19 529, nr. 5, p. 56)
zijn (en dus ook: konden worden)gebracht op het belastbaar inkomen. Daaruit volgt, bij gebreke van tegenaanwijzingen, dat die premies over andere jaren dan 2017 en 2019, voor zover zij in die andere jaren niet daadwerkelijk in de aangiften voor de inkomstenbelasting van appellanten in aanmerking zijn genomen, in die jaren wel daarvoor in aanmerking
kondenworden genomen, als bedoeld in het genoemde lid 4.