Eiseres exploiteert een melkveehouderij en kreeg van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit bestuurlijke boetes opgelegd voor overtredingen van de Meststoffenwet over 2017 en 2018. De boetes betroffen overschrijding van de gebruiksnorm dierlijke meststoffen, niet voldoen aan de eigen mestverwerkingsplicht, niet voldoen aan de mestverwerkingsplicht Verantwoorde Groei Melkveehouderij en het niet naar waarheid verstrekken van gegevens.
Verweerder heeft vlak voor de zitting de boete voor overschrijding van de gebruiksnorm laten vervallen, waardoor dat deel van het beroep gegrond werd verklaard. De rechtbank oordeelde dat eiseres onevenredig zwaar was getroffen door de boetes, mede door de lange onzekerheid en de eerste overtreding. Daarom matigde de rechtbank de boetes voor de mestverwerkingsplichten met tweederde.
De rechtbank stelde de boetes voor deze overtredingen vast op respectievelijk € 425,70 en € 2.669,10, tezamen met de niet bestreden boete van € 300,- leidend tot een totaal van € 3.394,80. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.