Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 6 april 2021 in de zaak tussen
[eiseres], te [woonplaats], eiseres
[derde partij], te [woonplaats], vergunninghouder
Rechtbank Midden-Nederland
Eiseres maakte bezwaar tegen de omgevingsvergunning die aan vergunninghouder was verleend voor het bouwen van een studio met badkamer en dakterras op het dak van een bestaande woning. De bouwhoogte van 9,30 meter wijkt af van het bestemmingsplan dat een maximale hoogte van 7 meter toestaat, maar valt onder de kruimelgevallenregeling. De rechtbank toetst terughoudend en richt zich op de redelijkheid van het besluit.
Eiseres stelde dat haar uitzicht en privacy worden aangetast door het bouwplan. De rechtbank oordeelt dat het stedelijke karakter van de omgeving zulke gevolgen met zich meebrengt en dat het zicht vanuit de studio en het terras door een privacy-scherm zeer beperkt is. Ook is geen sprake van een evidente privaatrechtelijke belemmering op grond van artikel 5:50 BW Pro, omdat het terras is voorzien van een privacy-scherm en het belang van eiseres als huurder verweven is met dat van de eigenaar.
De rechtbank concludeert dat het bouwplan geen onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat oplevert. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de verleende omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard.