Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 16 april 2021 in de zaak tussen
Stichting Dierbaar Flevoland, te Lelystad, eiseres
Stichting Faunabeheereenheid Flevoland(hierna: de Faunabeheereenheid), te Zeewolde
Rechtbank Midden-Nederland
De zaak betreft een ontheffing verleend door het college van gedeputeerde staten van Flevoland aan de Faunabeheereenheid voor aan verjaging ondersteunend afschot van grauwe ganzen. De rechtbank had eerder een tussenuitspraak gedaan waarin gebreken in het besluit werden vastgesteld en het college de gelegenheid kreeg deze binnen zes weken te herstellen.
Het college heeft weliswaar aangegeven de gebreken te willen herstellen, maar heeft vervolgens niet inhoudelijk gereageerd en de gebreken niet weggenomen. De rechtbank oordeelt dat de ontheffing meer mogelijkheden voor afschot biedt dan noodzakelijk is en onvoldoende is gemotiveerd, met name ten aanzien van het gebruik van een geweer buiten de wettelijke tijden.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep gegrond en vernietigt het besluit van 16 oktober 2019 wegens strijd met de Wet natuurbescherming en het Besluit natuurbescherming. Het college wordt opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.
Daarnaast treft de rechtbank een voorlopige voorziening die het aantal schutters beperkt tot vijf per dag en het gebruik van de ontheffing uitsluit voor zonsopgang en na zonsondergang. Deze voorziening geldt totdat het college een nieuw besluit heeft genomen. Het college moet tevens het griffierecht van eiseres vergoeden.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het college moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen met beperkingen en motivering.