ECLI:NL:RBMNE:2021:1673
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen openbaarmaking inspectierapport orgaanbank
Stamcelbank Nederland, een orgaanbank onder toezicht van de minister van Volksgezondheid, heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de minister om een inspectierapport openbaar te maken dat was opgesteld door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. De voorzieningenrechter beoordeelde in een spoedprocedure of het openbaarmakingsbesluit geschorst moest worden in afwachting van de bezwaarprocedure.
De voorzieningenrechter concludeerde dat het inspectierapport een voldoende feitelijke basis heeft en dat de bezwaarprocedure weinig kans van slagen biedt. Stamcelbank Nederland stelde dat openbaarmaking inbreuk maakt op het recht van hoor en wederhoor en het onschuldpresumptiebeginsel, maar de rechter oordeelde dat de Wet op de Gezondheidszorg een afwijkende procedure kent waarbij openbaarmaking pas twee weken na het besluit plaatsvindt en betrokkene een reactie kan geven die ook openbaar wordt gemaakt.
Verder oordeelde de voorzieningenrechter dat de waardering van de feiten en de belangenafweging niet aan de orde zijn bij toetsing van het openbaarmakingsbesluit. Ook het argument dat herinspecties eerst moeten plaatsvinden alvorens openbaarmaking, en dat de intrekking van de erkenning gelijk zou staan aan een bestuurlijke boete, werden verworpen. De voorzieningenrechter wees het verzoek af en bepaalde dat de feitelijke openbaarmaking niet eerder dan 7 mei 2021 zal plaatsvinden, zodat Stamcelbank Nederland nog gelegenheid heeft tot een reactie. Publicatie van de uitspraak op rechtspraak.nl werd eveneens toegestaan.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de openbaarmaking van het inspectierapport wordt afgewezen.