ECLI:NL:RBMNE:2021:1677
Rechtbank Midden-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen buiten behandeling stellen aanvraag exploitatievergunning restaurant
Verzoeker exploiteert sinds 2017 samen met een partner een restaurant en heeft vanwege een wijziging van rechtsvorm een nieuwe exploitatievergunning aangevraagd. Deze aanvraag werd door verweerder buiten behandeling gesteld wegens onvolledigheid. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelt dat sprake is van spoedeisend belang omdat verzoeker zonder vergunning niet kan exploiteren en hierdoor in financiële problemen kan komen. De aanvraag is volgens verzoeker volledig, maar verweerder stelt dat nog gegevens ontbreken. Het bestreden besluit is onvoldoende gemotiveerd omdat niet duidelijk wordt gemaakt waarom de ingediende stukken onvoldoende zijn.
Verder had verweerder verzoeker eerst in de gelegenheid moeten stellen om onduidelijkheden weg te nemen voordat de aanvraag buiten behandeling werd gesteld. De voorzieningenrechter concludeert dat het besluit te voorbarig is genomen en wijst het verzoek toe. Verweerder wordt opgedragen om verzoeker binnen twee weken de mogelijkheid te bieden om de aanvraag aan te vullen en onduidelijkheden te bespreken, bij voorkeur in een gesprek met het Horecaloket.
Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van verzoeker. De uitspraak is bindend voor de voorlopige voorziening, maar niet voor het bodemgeding.
Uitkomst: Het besluit om de aanvraag buiten behandeling te stellen wordt geschorst en verweerder moet verzoeker de gelegenheid geven om de aanvraag aan te vullen.