ECLI:NL:RBMNE:2021:1793
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen informatiebeschikking WOZ-waarde woning ongegrond verklaard
Eiser maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van zijn woning en werd door verweerder verzocht aanvullende informatie te verstrekken via een Inlichtingen Formulier Secondaire Kenmerken (IFSO). Na het uitblijven van deze informatie nam verweerder een informatiebeschikking op grond van artikel 52a AWR.
Eiser maakte bezwaar tegen deze informatiebeschikking, dat door verweerder werd afgewezen. Vervolgens stelde eiser beroep in bij de rechtbank Midden-Nederland. Tijdens de zitting voerde eiser mondeling aan dat de informatiebeschikking onrechtmatig was omdat deze niet voorafgaand aan de WOZ-aanslag was genomen, wat zou leiden tot détournement de pouvoir en strijd met het gelijkheidsbeginsel.
De rechtbank oordeelde dat de beroepsgronden niet slaagden en sloot zich aan bij een eerdere uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Verweerder had eerst informeel om informatie gevraagd en pas daarna een informatiebeschikking genomen. Eisers klacht over het uitschakelen van no cure no pay-bureaus was niet onderbouwd.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond maar gaf eiser een termijn van zes weken om alsnog de gevraagde informatie te verstrekken. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de informatiebeschikking wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt zes weken om alsnog de gevraagde informatie te verstrekken.