Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 8 januari 2021 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser,
Inleiding
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
de griffier is verhinderd
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser diende een aanvraag in voor een WW-uitkering, die verweerder weigerde uit te betalen wegens vermeende verwijtbare werkloosheid gebaseerd op verdenking van diefstal en het niet verschijnen op een gesprek met de werkgever.
De werkgever stelde eiser op non-actief en ontsloeg hem op staande voet wegens betrokkenheid bij een inbraak en het niet nakomen van een afspraak. Verweerder baseerde zijn besluit op de verdenking van diefstal en het niet verschijnen op de afspraak als dringende redenen voor verwijtbare werkloosheid.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat eiser de diefstal heeft gepleegd, mede omdat het strafdossier niet aan het besluit ten grondslag lag en de vermeende bewijzen slechts bestonden uit verklaringen van de werkgever. Ook is onvoldoende bewezen dat eiser op de hoogte was van de afspraak, aangezien de Whatsapp-berichten naar een oud telefoonnummer zijn gestuurd.
Daarom is geen sprake van een dringende reden en is de weigering van de WW-uitkering onterecht. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en beveelt verweerder binnen acht weken een nieuw besluit te nemen. Tevens veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit tot weigering van de WW-uitkering en beveelt een hernieuwde beslissing binnen acht weken.