ECLI:NL:RBMNE:2021:2075
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Matiging bestuurlijke boete voor kamergewijze verhuur zonder vergunning
Eisers kregen een bestuurlijke boete van €3.000 opgelegd wegens het zonder vergunning kamergewijs verhuren van een woning aan drie bewoners. Verweerder handhaafde dit besluit na bezwaar. Eisers stelden dat zij niet wisten van de overtreding en dat de boete te hoog was.
De rechtbank oordeelde dat verweerder bevoegd was om de boete op te leggen omdat eisers onvoldoende aannemelijk hadden gemaakt dat zij niet konden weten dat de woning door drie personen werd bewoond. Eisers hadden drie maanden de tijd gehad om de woning te controleren, maar deden dit niet.
Wel vond de rechtbank dat de boete onvoldoende was afgestemd op de individuele situatie, aangezien de overtreding van beperkte duur was, snel werd opgeheven en er geen klachten waren. Daarom matigde de rechtbank de boete met 50% tot €1.500. Verweerder moet het betaalde griffierecht vergoeden.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wordt gematigd van €3.000 naar €1.500 en het beroep wordt gegrond verklaard.