Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
NJ 1997, 485) bepaald dat bij dergelijke omstandigheden geen sprake is van ontucht.
de rechtbank begrijpt: 2017] werden we gemaild door de moeder van dit meisje, dat zij een 2de Instagramaccount had ontdekt. […] Er is toen op haar kamer gekeken en daar vonden ze de telefoon en ook meer contrabanden waar het meisje zich mee kon verwonden. In de telefoon is toen gezien dat er contacten waren tussen het meisje en de uitzendkracht. Het meisje heet [slachtoffer] en de uitzendkracht heet [verdachte] . [2]
de rechtbank begrijpt: 2017]. [3]
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN HET FEIT
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
10.BESLISSING
gevangenisstrafvan
60 dagen;
58 dagen, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene voorwaarde niet heeft nageleefd;
algemene voorwaardegeldt dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
proeftijdvan
één (1) jaarvast;
taakstrafvan
100 uren;