ECLI:NL:RBMNE:2021:2137
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit pgb wegens ontoereikende vaststelling zorgbehoefte autisme
Eiser, met een autisme spectrum stoornis, vroeg om een persoonsgebonden budget (pgb) voor ondersteuning thuis. Verweerder kende aanvankelijk een pgb toe van 10 uur per week, maar stelde dit later bij tot 2 uur per week op basis van een advies van Woonzorg Flevoland en de CIZ Indicatiewijzer. Eiser betwistte deze vermindering en stelde een behoefte van 5,08 uur per week.
De rechtbank constateert dat verweerder niet in staat was de hulpvraag en omvang van de zorgbehoefte adequaat vast te stellen en dat het advies van Woonzorg Flevoland niet is gebruikt vanwege motiveringsgebreken. Verweerder volgde niet het beoordelingskader van de Centrale Raad van Beroep en hanteerde een ontoereikende methode door terug te rekenen vanuit een vastgesteld urenaantal.
De rechtbank oordeelt dat het bestreden besluit gebrekkig is gemotiveerd en dat de zorgbehoefte onvoldoende is vastgesteld. Gezien de gebrekkige motivering en het standpunt van eiser neemt de rechtbank het door eiser opgegeven aantal uren van 5,08 per week over. Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het primaire besluit herroepen. De rechtbank kent een pgb toe van 5,08 uur per week voor de periode 7 oktober 2019 tot en met 6 oktober 2020 en draagt verweerder op het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en eiser krijgt een pgb toegekend van 5,08 uur per week.