ECLI:NL:RBMNE:2021:2277
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek bestuurlijke boetes wegens evidente onredelijkheid
Eiseres verzocht om herziening van bestuurlijke boetes die haar in 2013 waren opgelegd wegens overschrijding van meststofgebruik. Verweerder wees het herzieningsverzoek af omdat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die herziening rechtvaardigden. Eiseres stelde dat verweerder willens en wetens informatie had achtergehouden, waardoor haar verdedigingsrechten waren geschaad en het besluit evident onredelijk was.
De rechtbank constateerde een motiveringsgebrek in het bestreden besluit, maar paste artikel 6:22 Awb Pro toe omdat eiseres hierdoor niet benadeeld was. De rechtbank oordeelde dat eiseres ten tijde van de boete al op de hoogte had kunnen zijn van de gehanteerde marges en dat zij haar bezwaren toen had kunnen aanvoeren. De afwijzing van het herzieningsverzoek was daardoor niet evident onredelijk.
Verder wees de rechtbank het beroep op artikel 6 EVRM Pro af omdat eiseres voldoende gelegenheid had gehad zich te verdedigen. De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten van eiseres. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het herzieningsverzoek is ongegrond verklaard en de afwijzing is niet evident onredelijk.