ECLI:NL:RBMNE:2021:2847
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Sluiting woning wegens illegale seksinrichting niet onrechtmatig of onevenredig
De eigenaar van een woning die als illegale seksinrichting werd gebruikt, werd geconfronteerd met een besluit tot sluiting van zijn pand voor twaalf maanden door de gemeente Utrecht. Hoewel de eigenaar erkende dat de seksinrichting illegaal was, betwistte hij de proportionaliteit en het doel van de sluiting, mede omdat de woning bij besluit al leegstond.
De rechtbank oordeelde dat de gemeente bevoegd was tot sluiting en dat de eigenaar als verhuurder verantwoordelijk kon worden gehouden, omdat hij zich onvoldoende had geïnformeerd over het gebruik van zijn pand. De sluiting werd niet als onevenredig beoordeeld, mede vanwege de ernst van de overtreding, de aanwezigheid van een minderjarige prostituee en de overlast voor omwonenden.
De rechtbank verwierp ook het verweer dat een minder ingrijpende maatregel had moeten worden genomen, aangezien het gemeentelijk beleid sluiting voorschrijft bij illegale seksinrichtingen. Het feit dat de eigenaar niet vooraf was gehoord, werd niet als onrechtmatig beoordeeld omdat hij in bezwaar alsnog zijn zienswijze kon geven.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de sluiting van de woning wegens illegale seksinrichting wordt ongegrond verklaard.