ECLI:NL:RBMNE:2021:4053
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde 2-onder-1-kapwoning te Utrecht voor belastingjaar 2020
De heffingsambtenaar van de gemeente heeft de WOZ-waarde van een 2-onder-1-kapwoning in Utrecht voor het belastingjaar 2020 vastgesteld op €1.103.000,-. Eiser, eigenaar van de woning, betwist deze waarde en stelt een lagere waarde van €990.000,- voor. De rechtbank heeft de zaak behandeld na een videozitting waarbij beide partijen zich lieten vertegenwoordigen.
Eiser voerde onder meer aan dat niet alle stukken tijdig aan zijn gemachtigde waren verstrekt en dat de referentieobjecten die de heffingsambtenaar gebruikte niet vergelijkbaar zouden zijn vanwege verschillen in kaveloppervlakte, inhoud en verkoopdatum. De rechtbank oordeelde dat het niet opnieuw aanvoeren van ontbrekende stukken tijdens de zitting betekent dat deze niet meer nodig zijn en dat het beroep op deze grond in strijd is met een goede procesorde.
De rechtbank acht de taxatiematrix en de toelichting van de taxateur voldoende om aan te tonen dat de vastgestelde WOZ-waarde niet te hoog is. De vergelijkingsmethode met referentiewoningen van hetzelfde type en bouwjaar, waarbij rekening is gehouden met verschillen in gebruiksoppervlakte en perceelgrootte, is adequaat. De beroepsgrond over de ligging van de woning is door eiser ingetrokken. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en de waarde van €1.103.000,- blijft gehandhaafd.