ECLI:NL:RBMNE:2021:4365
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens onbevoegde uitspraak op bezwaar
Op 14 november 2020 werd een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd aan de hovenier van eiser vanwege het ontbreken van een geldige kraskaart voor een halfuur parkeren. Eiser betaalde de aanslag en maakte bezwaar, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank beoordeelde eerst de ontvankelijkheid van eiser in het bezwaar en concludeerde dat eiser ontvankelijk was omdat hij de aanslag had voldaan.
Vervolgens onderzocht de rechtbank de bevoegdheid van de uitspraak op bezwaar. Deze was gedaan door een medewerker van ParkeerService zonder dat het interne mandaatbesluit was gepubliceerd, waardoor de uitspraak onbevoegd was genomen. De rechtbank vernietigde daarom de uitspraak op bezwaar.
De rechtbank bekeek ook de inhoudelijke grond van de naheffingsaanslag. De aanslag was gebaseerd op een dagtarief, terwijl volgens artikel 234, derde lid, van de Gemeentewet een naheffing op basis van een parkeerduur van een uur moet worden berekend. Omdat het dagtarief niet herleidbaar was tot een uurtarief, oordeelde de rechtbank dat de naheffingsaanslag in strijd was met de wet en vernietigde deze.
Tot slot vergoedde de rechtbank het betaalde griffierecht aan eiser en wees proceskosten toe. Het geschil werd daarmee definitief beslecht.
Uitkomst: De naheffingsaanslag parkeerbelasting en de uitspraak op bezwaar worden vernietigd vanwege onbevoegdheid en strijd met de Gemeentewet.