ECLI:NL:RBMNE:2021:4396
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep wegens ontbreken rechtmatig verblijf en toeslagverlening
Eiser verzocht de Belastingdienst/Toeslagen om terug te komen op besluiten over huurtoeslag, zorgtoeslag en kindgebonden budget over 2020. Deze verzoeken werden afgewezen, waarna eiser beroep instelde bij de rechtbank Midden-Nederland.
De rechtbank oordeelde dat de partner van eiser sinds 23 maart 2020 niet beschikte over rechtmatig verblijf in Nederland, zoals blijkt uit de informatie van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) met code 98. Het enkel instellen van een beroep of het verzoeken om een voorlopige voorziening is onvoldoende om rechtmatig verblijf aan te nemen. De beleidsmatige keuze van de IND om de uitspraak op de voorlopige voorziening in Nederland af te wachten, levert geen rechtmatig verblijf op in de zin van artikel 8 van Pro de Vreemdelingenwet 2000.
Daarom bestaat er geen recht op toeslagen en kindgebonden budget vanaf 1 april 2020, conform artikel 9 van Pro de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees erop dat eiser een betalingsregeling kan aanvragen voor eventuele terugvorderingen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van toeslagen en kindgebonden budget wordt ongegrond verklaard vanwege het ontbreken van rechtmatig verblijf.