ECLI:NL:RBMNE:2021:4904

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
29 juni 2021
Publicatiedatum
13 oktober 2021
Zaaknummer
UTR 21/980
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 AwbArt. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht en ontbreken machtiging

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht van 21 december 2020. De rechtbank heeft echter het griffierecht van €360,- niet tijdig ontvangen en eiseres heeft geen geldige reden gegeven voor deze niet-betaling. Daarnaast heeft eiseres geen machtiging overgelegd waaruit blijkt dat zij bevoegd is namens SV Kampong Voetbal op te treden.

De rechtbank heeft eiseres op 16 en 17 april 2021 aangetekende brieven gestuurd met het verzoek het griffierecht te betalen en een machtiging te overleggen binnen vier weken, maar hier is niet aan voldaan. Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.

De rechtbank heeft besloten het beroep niet inhoudelijk te behandelen en wijst een vergoeding van proceskosten af. De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stijnen en griffier K.F.K. Hoogbruin op 29 juni 2021 te Utrecht.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht en ontbreken van een machtiging.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 21/980

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 29 juni 2021 in de zaak tussen

[eiseres] , veronderstellenderwijs handelend namens SV Kampong Voetbal,

te Utrecht, eiseres,
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht,verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiseres tegen het besluit van verweerder van
21 december 2020.

Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Eiseres heeft namelijk het griffierecht niet (op tijd) betaald, waardoor de rechtbank de zaak niet inhoudelijk kan behandelen. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. Iemand die in beroep gaat moet griffierecht betalen. Dit staat in artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In dit geval is het griffierecht € 360,-.
3. Als het griffierecht niet (op tijd) wordt betaald is de hoofdregel dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk mag behandelen. Soms is dat anders. Dan is er een geldige reden waarom het griffierecht niet door de rechtbank is ontvangen. Het gaat dan om omstandigheden waar eiseres niets aan kan doen.
4. De rechtbank heeft eiseres op 17 april 2021 een aangetekende brief gestuurd, waarin staat dat eiseres het griffierecht binnen vier weken moet betalen aan de rechtbank.
5. De rechtbank heeft het bedrag niet (op tijd) ontvangen. Eiseres heeft daar geen geldige reden voor gegeven. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk (artikel 8:54 Awb Pro).
6. De rechtbank heeft verder ook gevraagd, bij aangetekende brief van 16 april 2021, om binnen vier weken na datum van verzending van de brief een machtiging te overleggen waaruit blijkt dat [eiseres] (hierna: [eiseres] ) gemachtigd is om namens SV Kampong Voetbal op te treden. dit heeft hij niet gedaan. Dat betekent dat er in deze procedure geen toereikende machtiging is overlegd. Ook om die reden is het beroep niet-ontvankelijk. [1]
7. Het beroep zal niet inhoudelijk worden behandeld.
8. Van een vergoeding van de proceskosten is geen sprake.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Stijnen, rechter, in aanwezigheid van
K.F.K. Hoogbruin, griffier. De beslissing is uitgesproken op 29 juni 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.

Voetnoten

1.Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de meervoudige kamer van de rechtbank Midden-Nederland van 25 juni 2020, ECLI:NL:RBMNE:2020:2390.