ECLI:NL:RBMNE:2021:5412
Rechtbank Midden-Nederland
- Verschoning
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot verschoning rechter wegens kennelijk regelmatige contacten met advocaat
In een echtscheidingsprocedure heeft een rechter een verzoek tot verschoning ingediend omdat zij kennelijk regelmatige contacten onderhoudt met de advocaat van een van de partijen, beiden vrijwilligers bij dezelfde buurtbemiddelingsorganisatie. De rechter acht zich hierdoor niet vrij om de hoofdzaak verder te behandelen.
De verschoningskamer beoordeelde het verzoek op grond van artikel 40 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en concludeerde dat de schijn van partijdigheid aanwezig kan zijn, waardoor het vertrouwen in de onpartijdigheid van de rechter kan worden geschaad. Dit leidt ertoe dat de rechter zich moet onthouden van verdere behandeling van de zaak.
De kamer verklaarde het verzoek tot verschoning gegrond en droeg op de beslissing toe te zenden aan de betrokken partijen en de president van de rechtbank. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Verzoek tot verschoning van de rechter wordt gegrond verklaard wegens schijn van partijdigheid door regelmatige contacten met advocaat.