Verzoeker heeft bij besluit van 7 september 2020 het recht op bijstand ingetrokken gekregen door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal. Tegen dit besluit maakte verzoeker bezwaar en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) griffierecht betaald moet worden bij een verzoek om voorlopige voorziening. De griffier had verzoeker per aangetekende brief opgeroepen het griffierecht binnen twee weken te voldoen, maar deze brief werd onbestelbaar retour ontvangen. Uit onderzoek bleek dat de brief was verzonden naar het juiste adres volgens de Basisregistratie Personen.
Verzoeker heeft het griffierecht niet betaald en heeft geen reden gegeven voor dit verzuim, waardoor geen verontschuldiging kon worden aangenomen. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.