ECLI:NL:RBMNE:2021:5603
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op NOW3-subsidie bij nul-aangifte over juni 2020
Eiseres vroeg op 10 december 2020 een tegemoetkoming aan op basis van de NOW3-regeling (derde tranche). Verweerder wees de aanvraag af omdat de loonsom in juni 2020 nul was. Eiseres stelde dat door een fout van haar administratiekantoor een nul-aangifte was gedaan, waardoor geen loongegevens over juni 2020 beschikbaar waren en verweerder had moeten uitgaan van april 2020.
De rechtbank oordeelde dat de fout van het administratiekantoor voor rekening van eiseres komt en dat de Centrale Raad van Beroep heeft geoordeeld dat een nul-aangifte gelijkstaat aan het bekend zijn van loongegevens, namelijk nul. Daarom was het terecht dat verweerder uitging van juni 2020 als referentiemaand. Ook het beroep dat de weigering in strijd zou zijn met het doel van de regeling werd verworpen, omdat de regeling een generiek karakter heeft en maatwerk niet mogelijk is.
De rechtbank verwees naar de parlementaire geschiedenis waarin is aangegeven dat afwijken van de referentiemaand juni 2020 niet mogelijk is vanwege uitvoeringsrisico's en vertragingen. Er was geen sprake van bijzondere omstandigheden die een afwijking rechtvaardigen. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en verweerder heeft terecht beslist dat eiseres geen recht heeft op een tegemoetkoming op basis van de NOW3-regeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiseres heeft geen recht op NOW3-subsidie vanwege de nul-loonsom in juni 2020.