ECLI:NL:RBMNE:2021:5851
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op hogere letselcategorie en gelijkheidsbeginsel bij uitkering Schadefonds Geweldsmisdrijven
Eiseres, slachtoffer van langdurig huiselijk geweld tussen 1977 en 2001, vroeg een hogere uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven op grond van letselcategorie 5. Verweerder kende aanvankelijk een uitkering toe op basis van letselcategorie 3 en verhoogde dit later naar categorie 4, waarbij werd vastgesteld dat het huiselijk geweld de grootste oorzaak was van de PTSS-klachten van eiseres. De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht geen hogere uitkering toekende, omdat eiseres onvoldoende aantoonde dat sprake was van blijvende afhankelijkheid zoals vereist voor categorie 5.
Eiseres voerde aan dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat haar zoon, eveneens slachtoffer van hetzelfde geweld, wel een hogere uitkering op basis van categorie 5 ontving. De rechtbank stelde echter vast dat de medische onderbouwing van eiseres minder objectief en minder uitgebreid was dan die van haar zoon, waardoor geen sprake was van gelijke gevallen. Ook het beroep op het ontbreken van medisch advies werd verworpen, omdat verweerder voldoende medische stukken had om het letsel te beoordelen.
De rechtbank concludeerde dat verweerder binnen zijn beleidsruimte had gehandeld, het gelijkheidsbeginsel niet was geschonden en de uitkering terecht op € 10.000 werd vastgesteld. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de uitkering blijft vastgesteld op € 10.000 op basis van letselcategorie 4.