ECLI:NL:RBMNE:2021:6265
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op AOW-pensioen naar norm ongehuwde wegens ontbreken duurzaam gescheiden leven
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een AOW-pensioen naar de norm voor ongehuwden, omdat hij stelt duurzaam gescheiden te leven van zijn echtgenote. Verweerder, de Sociale Verzekeringsbank, wees deze aanvraag af en verklaarde het bezwaar ongegrond. Eiser ging in beroep tegen deze beslissing.
De rechtbank overwoog dat het uitgangspunt is dat gehuwden geen recht hebben op de norm voor ongehuwden, tenzij zij aannemelijk maken dat sprake is van duurzaam gescheiden leven. De bewijslast ligt bij eiser. De rechtbank hanteerde de uitleg van de hoogste bestuursrechter dat duurzaam gescheiden leven betekent dat partijen een eigen leven leiden alsof zij niet getrouwd zijn, dat ten minste één van hen niet meer samen wil wonen en dat deze situatie als blijvend wordt bedoeld.
Hoewel eiser en zijn echtgenote niet meer samenwonen en feitelijk gescheiden leven, zijn zij nog steeds financieel met elkaar verbonden. Zij bezitten samen woningen, eiser betaalt maandelijks een bijdrage aan zijn echtgenote en zij heeft vruchtgebruik op zijn nalatenschap. Deze omstandigheden maken dat niet is voldaan aan de voorwaarden voor duurzaam gescheiden leven.
De rechtbank oordeelde dat de motivering van verweerder in het bestreden besluit gebrekkig was, maar dat dit gebrek kon worden gepasseerd omdat eiser voldoende gelegenheid had gehad om te reageren en niet was benadeeld. Het beroep werd ongegrond verklaard en verweerder werd opgedragen het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard omdat niet is gebleken dat hij duurzaam gescheiden leeft van zijn echtgenote.