ECLI:NL:RBMNE:2021:801
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens vermeende verdiencapaciteit van meer dan 65%
Eiser, die zich op 17 oktober 2017 ziek meldde en een Ziektewetuitkering ontving vanaf 6 januari 2018, kreeg per 8 december 2018 de uitkering beëindigd omdat hij volgens een arbeidsdeskundige meer dan 65% van zijn maatmanloon kon verdienen. De verzekeringsarts bezwaar en beroep had op basis van medische rapporten, waaronder een brief van een neuroloog uit 2018 en een latere brief uit 2020, de beperkingen van eiser beoordeeld en vastgesteld dat er geen aanleiding was tot verdere beperkingen dan reeds aangenomen.
Eiser voerde aan dat de medische beoordeling onjuist was omdat bepaalde beperkingen niet waren meegenomen, zoals torderen, klimmen en knielen, en dat de ernst van zijn klachten in 2020 was toegenomen. De rechtbank oordeelde echter dat de medische rapporten zorgvuldig en begrijpelijk waren en dat de latere medische gegevens uit 2020 niet relevant waren voor de datum in geding. Ook de arbeidskundige beoordeling dat eiser functies als productiemedewerker industrie kon verrichten, werd gevolgd.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht de ZW-uitkering heeft beëindigd en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de Ziektewetuitkering is ongegrond verklaard.