Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 maart 2021 in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats 1] , Wisconsin (Verenigde Staten ), eiseres
de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Eiseres heeft kinderbijslag voor haar twee kinderen aangevraagd, die bij besluit van 31 mei 2019 vanaf het vierde kwartaal (1 oktober) 2018 is toegekend. Op 14 mei 2020 heeft eiseres verzocht om ontheffing van de verzekeringsplicht voor de AOW, Anw en AKW [1] . Met het primaire besluit is aan eiseres ontheffing voor de verzekeringsplicht voor deze drie volksverzekeringen verleend met ingang van 14 mei 2020. In verband met deze ontheffing is bij besluit van 25 mei 2020 het recht op kinderbijslag vanaf het derde kwartaal (1 juli) 2020 ingetrokken.
.De rechtbank vindt het bestreden besluit op dit punt deugdelijk gemotiveerd.
Beslissing
mr. A.E. van Gestel, griffier. De uitspraak is uitgesproken op 5 maart 2021 en zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.