ECLI:NL:RBMNE:2022:1319
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen toekenning WIA-uitkering op 70,20% arbeidsongeschiktheid
Eiseres, werkzaam als kleuterjuf, meldde zich ziek na een val van de trap en vroeg een WIA-uitkering aan. Verzekeringsarts en arbeidsdeskundige stelden haar arbeidsongeschiktheid vast op 70,20%. Na bezwaar en herbeoordeling handhaafde het UWV dit besluit. Eiseres bracht nadere medische informatie in, maar de rechtbank oordeelde dat de verzekeringsarts zorgvuldig had onderzocht en dat de medische beoordeling niet onjuist was.
De rechtbank stelde dat het aan eiseres was om aannemelijk te maken dat de medische rapporten onjuist waren, wat niet was gelukt. De psychiater die aanvullende beperkingen noemde, bood onvoldoende aanleiding om het standpunt te wijzigen. Ook de arbeidskundige rapportage ondersteunde de geschiktheid van de geduide functies binnen haar belastbaarheid.
Daarom was het bestreden besluit gebaseerd op een deugdelijke medische en arbeidskundige grondslag. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het besluit tot toekenning van een WIA-uitkering op basis van 70,20% arbeidsongeschiktheid is ongegrond verklaard.