De rechtbank Midden-Nederland heeft op 7 april 2022 het verzoek van de Raad voor de Kinderbescherming toegewezen om het ouderlijk gezag van beide ouders over twee minderjarige kinderen te beëindigen. De kinderen zijn sinds 2019 en 2020 uit huis geplaatst en verblijven in een perspectief biedend gezinshuis. De ouders hebben gezamenlijk gezag, maar de vader heeft het contact met de kinderen en hulpverlening verbroken.
De rechtbank constateert een ernstige bedreiging van de ontwikkeling van de kinderen door een belaste jeugd met huiselijk geweld, verwaarlozing en mishandeling. De kinderen hebben gedragsproblemen en zijn afhankelijk van professionele opvoeders. De ouders zijn niet in staat gebleken om de opvoeding adequaat te verzorgen, en de communicatie tussen hen is gebrekkig.
De vader is niet betrokken en het contact met hem ontbreekt, wat een belemmering vormt voor belangrijke beslissingen. De moeder onderhoudt goed contact met de kinderen, maar de rechtbank acht het niet wenselijk haar alleen het gezag te geven vanwege mogelijke toekomstige conflicten met de vader. Daarom wordt het gezag van beide ouders beëindigd en wordt de gecertificeerde instelling Samen Veilig Midden-Nederland als voogd benoemd.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat deze geldt ook bij hoger beroep. De rechtbank benadrukt het belang van het behoud van contact tussen de kinderen en hun ouders, vooral met de moeder, en hoopt op herstel van het contact met de vader.