ECLI:NL:RBMNE:2022:1502
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding wegens ontbreken beroepsmatige rechtsbijstand
Verzoeker is in beroep gegaan tegen het uitblijven van een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Utrecht. Nadat verweerder alsnog een besluit nam, trok verzoeker het beroep in en vroeg proceskostenvergoeding wegens door een derde verleende beroepsmatige rechtsbijstand.
Verweerder betwistte dat de rechtsbijstand beroepsmatig was, omdat het adviesbureau van de gemachtigde niet was ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Verzoeker heeft na meerdere verzoeken van de rechtbank geen nadere onderbouwing gegeven.
De rechtbank oordeelt dat niet is aangetoond dat de rechtsbijstand een duurzaam en op inkomen gerichte taakuitoefening betreft. Daarom wordt het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.
Wel moet verweerder het door verzoeker betaalde griffierecht vergoeden omdat verweerder aan het beroep tegemoet is gekomen.
De rechtbank wijst het verzoek voor het overige af en bepaalt dat de uitspraak openbaar is gedaan op 20 april 2022.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen, maar het griffierecht wordt aan verzoeker vergoed.