Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
proces-verbaal van bevindingen van 3 januari 2022 [2] hebben verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van aangifte [3] , het volgende verklaard:
proces-verbaal van bevindingen van 3 januari 2022 [4] heeft verbalisant [verbalisant 3] het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van bevindingen van 3 januari 2022 [5] heeft verbalisant [verbalisant 4] het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van bevindingen van 3 januari 2022 [6] hebben verbalisanten [verbalisant 5] en [verbalisant 6] het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van bevindingen van 14 januari 2022 [7] hebben verbalisanten [verbalisant 7] en [verbalisant 8] het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van bevindingen van 11 januari 2022 [8] heeft verbalisant [verbalisant 9] het volgende gerelateerd:
geschrift [9] als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef en onder 5 Wetboek van Strafvordering, te weten een rapport DNA-onderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut van 1 april 2022, inhoudende:
proces-verbaal van aangifte [10] , het volgende verklaard:
proces-verbaal van bevindingen van 3 januari 2022 [11] heeft verbalisant [verbalisant 10] het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van bevindingen van 3 januari 2022 [12] heeft verbalisant [verbalisant 3] het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van bevindingen van 3 januari 2022 [13] heeft verbalisant [verbalisant 4] het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van aangifte [14] , het volgende verklaard:
proces-verbaal van bevindingen van 3 januari 2022 [15] heeft verbalisant [verbalisant 4] het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van bevindingen van 3 januari 2022 [16] heeft verbalisant [verbalisant 11] het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van aangifte [17] , het volgende verklaard:
proces-verbaal van bevindingen van 3 januari 2022 [18] heeft verbalisant [verbalisant 3] het volgende gerelateerd:
proces-verbaal van bevindingen van 3 januari 2022 [19] hebben verbalisanten [verbalisant 5] en [verbalisant 6] het volgende gerelateerd:
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BENADEELDE PARTIJ [slachtoffer 2]
,nu de rechtbank het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert.
10.BENADEELDE PARTIJ [slachtoffer 5]
,nu de rechtbank het wenselijk acht dat de Staat der Nederlanden schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert.
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld;
- verklaart het meer of anders tenlastegelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in rubriek 6 is vermeld;
- verklaart verdachte strafbaar;
- veroordeelt verdachte tot een
- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag van
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 januari 2022 tot de dag der algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- verklaart de benadeelde partij voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat € 500,00 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 januari 2022 tot de dag van de volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 10 (tien) dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of (een van) zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot een bedrag
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan de benadeelde partij van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 januari 2022 tot de dag der algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij aan de Staat € 111,69 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 januari 2022 tot de dag van de volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 2 (twee) dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of (een van) zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;