Uitspraak
[derde belanghebbende](vergunninghouder).
Inleiding
Beslissing
- verklaart het beroep van [eiser 4] niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep van de overige eisers ontvankelijk;
- verklaart hun beroep ongegrond.
Rechtbank Midden-Nederland
Eisers maakten bezwaar tegen een omgevingsvergunning voor de wijziging van gevels van twee loodsen op een perceel waar een veehouderij is gevestigd. Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belanghebbendheid. De rechtbank bevestigt dat eisers niet als belanghebbenden kunnen worden aangemerkt omdat de wijziging van de gevels geen gevolgen van enige betekenis voor hen heeft.
De rechtbank oordeelt dat de afstand tussen het perceel en de woningen van eisers, gecombineerd met de aanwezigheid van een provinciale weg, weiland en bomen, zodanig is dat er geen zichtbare of hoorbare gevolgen zijn. Ook het beroep van een eiser die niet meer op het adres woont, wordt niet-ontvankelijk verklaard.
Verder wordt geoordeeld dat de hoorplicht niet is geschonden omdat het horen achterwege mocht blijven bij kennelijk niet-ontvankelijke bezwaren. Eisers hoeven geen griffierecht te betalen omdat zij al griffierecht hebben voldaan in een samenhangende procedure. Het beroep wordt daarmee ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt voor één eiser niet-ontvankelijk verklaard en voor de overige eisers ongegrond wegens gebrek aan belanghebbendheid.