ECLI:NL:RBMNE:2022:3127
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit studiefinanciering vanwege onvoldoende motivering en recht op migrerend werknemer
Eiseres, een EU-burger en migrerend werknemer met een tijdelijke arbeidsovereenkomst, vroeg studiefinanciering aan voor 2022. Verweerder kende aanvankelijk studiefinanciering toe voor januari 2022 en weigerde voor de rest van het jaar vanwege het niet voldoen aan de nationaliteitseis. Na bezwaar werd studiefinanciering toegekend tot mei 2022 en een reisvoorziening tot juli 2022, maar het recht voor de resterende maanden bleef onduidelijk.
De rechtbank oordeelt dat verweerder wel degelijk tijdig een besluit heeft genomen, waardoor het beroep niet tijdig ongegrond is. Het beroep op het discriminatieverbod faalt omdat eiseres als migrerend werknemer een andere rechtspositie heeft dan Nederlandse studenten, en de toekenning van studiefinanciering gekoppeld is aan het behoud van die status.
Wel oordeelt de rechtbank dat het bestreden besluit onvoldoende is gemotiveerd, in strijd met artikel 7:12 Awb Pro. Daarom wordt het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand omdat het besluit inhoudelijk juist is. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van eiseres.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, met in stand gelaten rechtsgevolgen en vergoeding van proceskosten aan eiseres.